Hypotheekrente verlagen
Er bestaan mogelijkheden om de hypotheekrente te verlagen. Sommige banken wijzen cliënten daarop, sommige niet. Wanneer is een verlaging mogelijk?
Hoe wordt de hypotheekrente bepaald?
De hypotheekrente bestaat uit een basisrente en een risico-opslag. Als je een hypotheek afsluit, is een van de factoren die invloed heeft op de voorwaarden van de lening de risicoklasse waarin de lening valt. De risicoklasse bepaalt mede de rente die je betaalt en wordt voornamelijk bepaald door de verhouding tussen de hoogte van de hypotheek en de waarde van de woning, ook wel de Loan-to-Value (LTV) ratio genoemd.
Wat is de Risicoklasse?
De risicoklasse is een categorie die aangeeft hoe groot het risico is dat de geldverstrekker loopt bij het verstrekken van een hypotheek. Hoe hoger het risico, hoe hoger de rente die je doorgaans betaalt. De risicoklasse wordt voornamelijk bepaald door de LTV-ratio, maar kan ook beïnvloed worden door andere factoren zoals je inkomen, kredietgeschiedenis en de stabiliteit van je financiële situatie.
Wat is de Loan-to-Value (LTV) Ratio?
De LTV-ratio is een belangrijke maatstaf voor de risicoklasse. Deze wordt berekend door het bedrag van de hypotheek te delen door de marktwaarde van de woning.
- Een LTV ≤ 60% wordt vaak gezien als een lage risicoklasse.
- Een LTV tussen 60% en 80% wordt vaak gezien als een gemiddelde risicoklasse.
- Een LTV > 80% wordt doorgaans beschouwd als een hogere risicoklasse.
Voorbeeld
Stel, u koopt een woning voor € 500.000. U brengt zelf € 100.000 eigen vermogen in en voor het restant (€ 400.000) sluit u een annuïtaire hypotheek af. De LTV-ratio is dan 80%. De rente over de lening bedraagt 4%. Doordat de waarde van de woning na vijf jaar is gestegen en u heeft afgelost kan het zijn dat de LTV-ratio is gedaald naar 60%. Het risico voor de geldverstrekker is hierdoor lager waardoor de hypotheekrente omlaag kan.
Naast de LTV-ratio kunnen ook andere factoren invloed hebben op de risicoklasse:
- Inkomen: een stabiel en hoog inkomen kan gunstig zijn voor de risicoklasse.
- Kredietgeschiedenis: een goede kredietgeschiedenis kan helpen om in een lagere risicoklasse te vallen.
- Type hypotheek: sommige hypotheekvormen, zoals een annuïteitenhypotheek, kunnen als minder risicovol worden beschouwd dan bijvoorbeeld een aflossingsvrije hypotheek. Wijzigt u een aflossingsvrije hypotheek naar een annuïtaire hypotheek informeer dan of u hiermee in een lagere risicoklasse kunt komen.
Een verlaging van de risico-opslag vaak niet automatisch
Soms hoeft u zelf niets te doen. Als uw rentevaste periode afloopt, krijgt u een rente-aanbod voor een nieuwe rentevaste periode. Een geldverstrekker kijkt bij het bepalen van de nieuwe rente of de hypotheek in een lagere risicoklasse valt. En past de rente daarop aan.
Er zijn bovendien steeds meer geldverstrekkers die de risico-opslag maandelijks automatisch aanpassen als er voldoende is afgelost. Maar doet uw geldverstrekker dat niet of wilt u een lagere risico-opslag omdat de waarde van uw woning is gestegen? Neem dan zelf contact op met de geldverstrekker. Vaak zal de geldverstrekker vragen om een taxatierapport (enkel de stijging van de WOZ wordt niet als voldoende gezien).
BAA ADVIES. Door een hogere woningwaarde of door gedane aflossingen, kan het zijn dat de LTV-ratio is gedaald naar een lagere risicoklasse. Informeer bij uw geldverstrekker of uw hypotheekrente (uw risico-opslag) naar beneden kan omdat de geldverstrekker nu minder risico loopt. |
